Over K-R8

Vlaamse regering wil leefbaarheid in Kortrijk-Oost en Hoog Kortrijk verbeteren 

De Vlaamse regering wil de mobiliteit en leefbaarheid in de omgeving van Kortrijk-Oost en Hoog Kortrijk te verbeteren. Eerder werden al twee publieke raadplegingen georganiseerd. Het Departement Omgeving, de Vlaamse Milieumaatschappij, Stad Kortrijk, Stad Harelbeke, Gemeente Zwevegem en Intercommunale Leiedal starten eind oktober 2021 luchtkwaliteits- en geluidsmetingen op in het plangebied.

Rond Kortrijk-Oost en Hoog Kortrijk zijn al langer verkeersproblemen. Die zorgen voor luchtverontreiniging en geluidsoverlast voor de buurtbewoners. In juli 2019 startte de toenmalige Vlaamse regering een traject op om de leefbaarheid in de twee stadsdelen te verbeteren. 

Gezien de omvang en complexiteit van het proces werd reeds bij de goedkeuring van de eerste startnota gekozen om, na een eerste publieke raadpleging, de startnota verder te verfijnen, en waar nodig bij te sturen.  

Verfijnde startnota 

In de oorspronkelijke startnota werd al gestreefd naar het verbeteren van de verkeersproblemen in Kortrijk-Zuid en Kortrijk-Oost. Die doelstelling blijft ook behouden in de verfijnde nota en wordt nog aangevuld met enkele duidelijke insteken die de leefbaarheid in Kortrijk en omstreken in de brede zin van het woord moeten verbeteren. Zo wordt er ingezet op alternatieve vervoersmiddelen, wordt er gekeken naar manieren om minder te verharden in het kader van de Blue Deal en wordt er in tegenstelling tot de eerste startnota ook nagedacht over meer groen. 

“We kunnen het ons anno 2021 niet meer permitteren om beslissingen zomaar aan onze inwoners op te leggen zonder hun mening en suggesties te vragen”, zegt Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir. “Zeker bij een project van dergelijke omvang is de impact op de omgeving zo groot dat hun inspraak van grote waarde kan zijn om het finale resultaat de beste versie te laten zijn waar heel de omgeving beter van wordt.” 

De bevolking werd geraadpleegd over de verfijnde startnota van 30 maart tot en met 28 mei 2021. Iedereen kon tijdens die periode opmerkingen formuleren. Er werden onder meer drie digitale publieke participatiemomenten georganiseerd. Tijdens de publieke raadplegingen kwamen luchtkwaliteit en geluid geregeld ter sprake. Vandaar dat het Departement Omgeving, de Vlaamse Milieumaatschappij, Stad Kortrijk, Stad Harelbeke, Gemeente Zwevegem en Intercommunale Leiedal eind oktober 2021 luchtkwaliteitsmetingen en geluidsmetingen opstarten in het plangebied.

Overkoepelende aanpak moet leefbaarheid een boost geven 

In het planproces worden mobiliteit, infrastructuur en ruimtelijke ontwikkelingen samen aangepakt en op elkaar afgestemd om zo de leefbaarheid in de omgeving van Hoog Kortrijk en Kortrijk-Oost te verbeteren. Dit gebeurt aan de hand van volgende doelstellingen: 

  • Het multimodaal bereikbaar maken van Hoog Kortrijk en Kortrijk-Oost, met o.m. het creëren van ruimte voor alternatieve vervoersmiddelen, het bijdragen tot de realisatie van vlotte en veilige fiets- en openbaar vervoersverbindingen, de uitbouw van multimodale knooppunten, het optimaliseren en beperken van parkeerplaatsen. 
  • Het evalueren en mogelijks heroriënteren of beperken van de ruimtelijke ontwikkelingen in het plangebied, waarbij ontwikkeld en/of verdicht wordt op goed multimodaal ontsloten locaties en waarbij er ook voor gekozen wordt om bepaalde deelzones omwille van de leefbaarheid, bereikbaarheid en/of in functie van de blauwgroene dooradering niet langer aan te snijden.   
  • Het realiseren van een verbindende groenstructuur doorheen het plangebied, met de aanleg van buffergroen langs de weginfrastructuur, doordacht aangelegde groenstructuren als een groenblauwe dooradering doorheen het plangebied en randstedelijk groen als overgang naar de open ruimte. 
  • Het realiseren van een vlotter verkeer in Kortrijk-Zuid en Kortrijk-Oost, waarbij de ringweg R8 tussen beide complexen al dan niet gesloten wordt en waarbij ook de relatie wordt gelegd met het functioneren van de R8 als geheel en de doorstroming op de aansluitende gewest- en invalswegen.